Help alcohol
OVER ALCOHOL
Veel meer alcohol
pagina
pagina
pagina
pagina
Wij over onszelf
Links
Tips
Gezondheidstips
Wist u dat...
Onderzoek/vragen
Sitemap

Wat is een alcoholist?

 

In de meest duidelijke en enkelvoudige ontleding van het woord alcoholist verwijst de term naar diegene die alcohol tot zich nemen. Zo noemen we iemand die in een auto rijd automobilist. Voor het gebruik van de term automobilist doet het er niet toe of de persoon een keer in het jaar auto rijd of dagelijks. Het gebruik alleen al van een auto maakt de bestuurder een automobilist. Deze vanzelfsprekendheid gaat ook op voor de alcoholist. Het gebruik van alcohol maakt de drinker ervan een alcoholist. De alcoholist heeft echter kans gezien verwarring omtrent deze bepaaldheid op te roepen. Ontkenning, dat alcohol ook bij een glas effecten heeft, is daar oorzaak van.  De alcoholdrinker bepaalde zo het beeld wat we onder alcoholisme dienen te verstaan. Alcoholisten zeggen dat je niet van de een op de andere dag alcoholist kunt zijn. Trekken we dat door naar het gebruik van de term automobilist dan betekend dat wanneer je in een auto stapt en wegrijdt niet vanaf dat moment automobilist bent. Een alcoholist gaat er van uit dat je jaren lang alcohol moet drinken om voor de kwalificatie “alcoholist” in aanmerking te kunnen komen. Deze kwalificatie berust op een taalspelletje.

Zij gebruiken de term alcoholist als het al te laat is en de gebruiker verslaafd. Zij negeren dat het drinken van alcohol ook na een glas verschijnselen met zich meebrengt die uitwerking hebben op het lichaam, het begrip en de omgeving. Hier krijgt de term alcoholist een versluierende betekenis omdat het accent op de geestelijke en lichamelijke afhankelijkheid, of mate van verslaving komt te liggen. Deze opgerekte betekenisgeving versluierd niet alleen de realiteit maar zorgt er tevens voor dat het effect van alcohol niet meer in beeld komt als ongewenst verschijnsel. Alcohol drinken veroorzaakt namelijk onmiddellijk een verstoring in de homeostase en deze verstoring heeft consequenties voor lichaam, begrip en omgeving. Alcohol verdooft de hersenen en veranderd het gedrag. Dit wordt veroorzaakt door het effect dat alcohol heeft op de overdracht van signalen in zenuwen en hersenen. Door deze aantasting verdwijnen bepaalde remmingen bij de drinker. De drinker gaat zich na aanvang van alcoholconsumptie steeds losser gedragen. Hij verliest het aanzijn met de wereld. Alcohol kan er ook voor zorgen dat iemand zich agressief, depressiever of angstig voelt. Dergelijke uitwerkingen zijn op voorhand niet gekend. Daarom kun je een alcoholist niet vertrouwen.

Ze hebben zelfs niet in de gaten dat alcohol een harddrugs isWe zijn echter alsmaar laconieker gaan reageren op de verschijnselen, waardoor normalisatie en legalisatie kon optreden. Maar ook na normalisatie van de verschijnselen, is niet weggenomen dat alcohol de stemmingen versterkt en dus de homeostase veranderd. Hoe meer iemand drinkt, des te sterker het effect op de omgeving. Door die effecten spreken we dan ook over “kolonialisatie van de leefwereld”, door de alcoholdrinker. De leefwereld wordt verstoort. Dat deze verstoringen divers geïnterpreteerd kunnen worden is afhankelijk van de situatie. Een kind wat last heeft van de dominantie van zijn vader, kan na de alcoholdronk van zijn vader zeggen: “wat is hij lekker rustig”, terwijl de moeder die wel een handje zou kunnen gebruiken in het huishouden over diezelfde vader zegt: “er komt niks meer uit zijn handen”. Een ander voorbeeld van god zegen de greep interpretaties zien we, als een alcoholdrinker na het bezoek aan een uitgaansgelegenheid de ruiten van een bushokje in diggelen slaat. Zijn maten noemen zoiets “stoer” of “cool” terwijl de belastingbetaler zoiets eerder zal aanduiden als “agressie” en “vernieling”. Deze voorbeelden van aanduidingen en interpretaties met betrekking op alcoholgedrag geven aan dat er verschillend gedacht kan worden ten aanzien van hetzelfde gedrag. Dit heeft consequenties voor onze wetgeving want als “stoer”, vernielen kan betekenen en “cool”, agressie, dan is de metafoor “stoer” en “cool” niets anders dan een aanduiding voor ongewenst gedrag. Dit interpreteren van alcoholgedrag wordt echter zowel door alcoholgebruikers als door niet-gebruikers gedaan. DDit heeft consequenties als de meerderheid in een samenleving alcoholgerelateerd is. Doordat bij de alcoholist de werking van alcohol gekend is, kan de drinker zich voorstellen dat alcoholbepaald gedrag voor kan komen en reageert dus laconieker omdat de drinker zich in het gedrag gedeeltelijk herkend. Een alcoholist die zijn vrouw slaat zal niet wakker liggen van een vernield bushokje. Hier zien we het impliciete promillagebewustzijn haar werk doen. Impliciet promillagebewustzijn kan bijvoorbeeld ook tot gevolg hebben dat voetbalkijkend Nederland (piekmomenten in alcoholconsumptie) de agressie op de voetbalvelden laconiek beoordeeld en uit protest de knop op de tv niet afzet. Dit heeft tot gevolg dat agressie in sport impliciet genormaliseerd wordt omdat de kijker toch wel blijft kijken. Het ligt dan voor de hand om sport en agressie als synoniemen te gaan zien waardoor het woord “spel” een nieuwe betekenis krijgt. Dit “normaliseren van agressie” in de sport gebeurd voor de buis, waar de alcoholdrinkende toeschouwer geen onderscheid meer kan maken tussen sport en agressie wat tot gevolg heeft dat de kijkcijfers hoog blijven. Hoge kijkcijfers zeggen iets over de norm en het is niet voor niets dat alcoholreclames bij sportevenementen het meest in beeld komen. Er worden zelfs biertenten ingevlogen bij internationale sportevenementen. Deze samenhang heeft de alcoholist niet meer in de gaten en de commercieel profiteert daarvan.

De alcoholdrinker is dus in feite niet in staat om een juist oordeel te geven omdat het vermogen om juist te oordelen verstoord is. Daarmee zijn we op een glijdend vlak terechtgekomen. We kunnen deze verschuiving ook herkennen bij opvattingen binnen de samenleving over de alcoholist. Zelfs zij, die met belastinggeld hulp moeten verlenen aan de alcoholist, vinden “alcoholist” niet zo'n aardige term. Zij zullen die term dan ook niet gebruiken. Zij vermijden angstvallig het beestje bij de naam te noemen en daardoor kon zelfs de beladen term “verslaving” vervangen worden door de zachte term “afhankelijkheid.” Zachte heelmeesters maken echter stinkende wonden. Dit komt omdat de verslavingszorg alcohol drinken, niet kan zien als deviant gedrag waardoor de drinker niet wordt gezien als een zieke. Maar wat is er in feite werkelijk aan de hand als je alcohol drinkt? Om u hierbij te helpen, vragen we u of u zich voor kan stellen dat in elke situatie waarin u iemand met een glas alcohol in de hand ziet, deze kunt laten vervangen door een joint. Terwijl alcohol toch ook een drug is en naar nu blijkt  "een harddrug van het meest schadelijke soort". Alcoholisme wordt tegenwoordig gezocht in de veranderingen van neurotransmitter systemen. Dit heeft weliswaar het voordeel dat de werking van alcohol gelokaliseerd kan worden, maar heeft tevens het nadeel dat het gebruik en gedrag van de alcoholist buiten de discussie kan blijven. De neurotransmitter systemen zouden samen zorgen voor de versterkende werking van alcohol: GABA, glutamaat, dopamine, serotonine en opioïden. Geconstateerde verstoringen worden echter niet aangemerkt als ziekte juist omdat het veroorzaakt is door genormaliseerd alcoholgebruik. De gevolgen van alcohol op de neurotransmittersystemen worden weggepoetst met antipsychotica en antidepressiva. De alcoholist heeft zo gezorgd voor een farmaceutische industrie die inspeelt op veranderingen in de neurotransmittersystemen. Dit heeft onder andere tot gevolg dat bij depressie of angsten niet meer geadviseerd wordt om alcohol te laten staan of zelfs te verbieden omdat medicijnen voor handen zijn die het mankement kunnen rechtrekken. Medicijnen die inwerken op dopamine of serotonine verstoringen, door het gebruik van alcohol, versluieren het zicht op de werkelijke effecten van alcoholgebruik. De alcoholist kan daardoor gewoon blijven drinken. Medicalisering heeft daardoor gedragstherapie verdrongen. De versterking van alcohol blijft echter plaatsvinden in het mesocorticolimbisch dopaminesysteem waar effecten worden veroorzaakt door middel van connecties met de nucleus accumbens en amygdala. De amygdala kan door alcoholgebruik chronisch aangetast raken en dat heeft tot gevolg dat: “de alcoholist de evidente signalen, die op mogelijk gevaar of onprettige toestanden wijzen, niet meer herkent”. Sociale consequenties hiervan zijn niet te overzien.

Toch wordt Alcohol niet gezien als een agonist of antagonist. Agonistisch gedrag is het gedrag dat een alcoholist vertoont wanneer hij niet zeker weet wat hij moet doen en heeft een mengeling van vlucht- en aanvalsgedrag tot gevolg. Dit leidt vaak tot conflictgedrag, waardoor de alcoholist sterk wisselend gedrag (plotseling in plaats van agressief te zijn gaan zitten huilen) of omgericht gedrag, het gedrag dat eigenlijk is bedoeld voor iemand in de omgeving van de alcoholist, afreageren op iets anders. (denk aan de bushokjes, maar ook aan de 200.000 vrouwen en 150.000 kinderen die jaarlijks afgeranseld worden door alcoholisten.) Naast dit alles zien we bij de alcoholist ook een cyclus van spirale disregulatie van beloningssystemen in de hersenen die progressief verergert, resulterend in compulsief alcoholgebruik en het verlies van controle over het consumeren van alcohol. Eenvoudig gezegd: alcohol beloond zichzelf want het neemt de leiding over. ‘Tegen-adaptatie’, is de tolerantie die ontstaat voor het genot van het middel bij alcoholisme. Alcohol is door de zwakte van de mens niet te weerstaan en dat heeft gevolgen voor de plaats van alcohol in een samenleving. Deze zwakte heeft de mens al 6000 in zijn greep. Dronken mensen sleepten de alcohol mee over de hele wereld, in hun gebruiken, in hun kennis, in hun bewustzijn, in hun oorlogen en in hun handelen. Gij zult alcohol drinken zegt het geloof van Joden en Christenen. Daardoor is verslaving eerder regel dan uitzondering. Schizofrenie is een primair symptoom van alcoholgebruik. Gelijke neurobiologische afwijkingen onderschrijven dit en tonen daarmee aan dat alcohol de homeostase grondig verstoort. Hierdoor kan een alcoholist ook problemen krijgen met werk, familie, geld en seksualiteit. Hoewel in de Joods-christelijke cultuur de alcohol ingefokt is, en dus genetisch bepaald, is het moment waarop je alcoholist wordt afhankelijk van je omgeving. Door commercialisering van alcohol is die kans aanzienlijk verhoogt. Onder moslims, die van hun geloof niet mogen drinken, komen we zelden alcoholisten tegen. Daardoor weten we ook dat alcoholisme te maken heeft met erfelijkheid, persoonlijke kenmerken en omgevingsfactoren. Omdat alcohol commercieel in onze samenleving gelegaliseerd en genormaliseerd is zijn wij het die het meeste risico lopen alcoholist te worden. Daarbij worden misleidende beelden niet geschuwd.

Alcohol wordt meestal ongenuanceerd in verband gebracht met gezelligheid. Zoiets wordt van kinds af aan al opgeslagen in de hersenen. Dit positieve beeld, dat vaak toeneemt in de tienerjaren, verhult meestal de negatieve kanten zoals agressie, verkeersongelukken, vandalisme, mishandeling onder invloed van alcohol. Hoe meer men drinkt, hoe minder men in staat zal zijn normaal te blijven functioneren. Men gaat zichzelf overschatten en doet dingen, vaak ook in groepsverband, die men nuchter nooit zou doen. Voor tieners is zelfs het comazuipen een normaal verschijnsel geworden. De maatschappelijke schade ten gevolge van alcoholgebruik en de kosten voor de belastingbetaler is vele malen groter dan die van alle andere drugs bij elkaar. De alcoholist wil dit echter niet inzien en omdat 85% in onze samenleving alcoholist is, heeft het alcoholisme ook politieke consequenties. De liberalen, een politiek-maatschappelijke stroming die haar oorsprong kent in de Verlichting van de 18e eeuw, is vanouds een alcohollobbyclub. Ze hebben sindsdien ruimschoots baan gekregen om alcohol aan de mens op te dringen. Zij hebben daar alle media voor gebruikt. Maar ben je eenmaal verslaafd moet je het wel zelf uitzoeken.

Realiseren we ons dat gebruik van alcohol invloed heeft op het totale organisme en alle hersenfuncties, dan benaderen we de staat wel van de éérste drinker, maar zijn we nog niet veelwijzer omtrent de geschiedenis van zijn gevoelens, gedachten en gedrag (ken u zelf). Men moest namelijk nog overeenkomen wat er nou precies gebeurde toen de eerste mens dronken was. Dat heeft men nagelaten en we schrijven dit toe aan het geheugenverlies en de onverschilligheid van de dronkaard. Toch moet de éérste dronken persoon voor zichzelf en voor de ander  een raadsel geweest zijn. Maar om het raadselachtige een gezicht te geven creëerde de dronkaard dus een metafysica. De ultieme vlucht om verantwoording voor het gedrag te uit de weg te gaan. De joods-christelijke traditie heeft alcohol in de genen ingefokt en verspreid. De vraag, “wat voel jij” en “wat mankeert jou” zal meerdere malen gevallen zijn, voordat er enigszins zicht kon komen op de effecten van alcohol en het daaruit voortvloeiende gedrag. Helaas is de mens die vragen uit de weggegaan en hij verschool zich achter de wil van een God. God werd de redder van de alcoholist (neemt en drink deze beker ter nagedachtenis aan mij en als een eeuwig verbond) Ook zij wisten dat alcohol ontremt en onverschillig maakt voor de gevolgen. (vandaar dat de Katholieke Kerk de grootste pedofielenclub kon herbergen en nu in koor roepen "wir haben est nicht gewust")

Er is geen heldendom (god van de alcohol) zonder koor (de afhankelijken) en daarmee is ook de tragedie ontstaan, want hoe kun je nuchter volhouden dat God een voorkeur had voor één bepaald volk, die anderen bovendien afhankelijk maakten? Hoe is het mogelijk dat alcohol een goddelijk product is, als het mensen aanzet elkaar naar de keel te vliegen tot bloed vergieten en oorlog toe? U kunt zich waarschijnlijk wel voorstellen dat als men zich in den beginne vreemd begon te gedragen, afwijkend van de bestaande norm, op basis van een dronk of het eten van overrijpe vruchten, dat men dan nog niet kon weten wat er gebeurde.

Daarom vroeg deze eerste vorm van onwetendheid om een moraal: het stelde de vraag hoe hoor ik te doen. Deze morele kwestie werd het begin van een gedoogbeleid. Wat er gebeurde door het gedrag van de eerste alcoholist, vroeg slechts om herkenning en erkenning. Dus moest de ander er ook aan geloven. Daarna ontstond voor het eerst een sekte en later groeide dat uit tot een geloofsgemeenschap. Maar herkenning voor het gedrag was er aanvankelijk niet, zelfs nu herkennen we ons meestal niet in de dronkaard, dus werd de uitleg voor dat uitzonderlijk gedrag een fantasma en een morele categorie, want voor het eerst werden de woorden gesproken: Gij zult....

Tegenwoordig noemen we datgene wat we kunnen waarnemen als afwijkend gedrag, maar waarvan de gronden niet gekend zijn, een psychose. En dat is precies wat er aan de hand was toen Noach zich dronken en naakt toonde aan zijn zonen. In dit gegeven ligt ook de oorsprong van de menselijke agressiviteit (aanvallen), een kwaliteit die aan alcohol toebedeeld kan worden, omdat natuur met cultuur in strijd gebracht werd. Uit vrede kwam de oorlog voort. De natuur van de mens kwam tegenover de cultuur te staan.

Door deze gespletenheid tussen natuur (zijn) en cultuur (behoren) ontstond de tragedie. (de eigenschappen van de tragedie wordt later besproken) Tussen de zonen van de wijnbouwer Noach ontstond een conflict over de acceptatie van het vulgair gedrag na het drinken van alcohol. Maar de met alcohol gezegende Sem en zijn broer de gedoger Jafet bepaalden toen al dat hun andere critische broer Cham verstoten werd en dat hij als slaaf verder door het leven moest. De alcoholdrinker heeft ook nu nog de grootste bek en het nageslacht van Sem is verantwoordelijk voor voor de instandhouding van een hierarchie waarbij geweld niet geschuwd wordt. De uitverkorene (lees alcoholisten) knechten andere volkeren (zij werden tot slaven gemaakt) en zo ontstond de tegenstelling tussen heer en knecht. Dualiteit zag het licht, maar de natuurlijke tegenstelling tussen het neutrale goed en slecht werd door de alcoholgebruiker al snel misbruikt en getransformeerd naar goed en kwaad. Het woord “slecht”, wat ingeruild werd voor het woord kwaad, kreeg hierdoor tevens een morele betekenis. Moraal, gaat over het behoren (cultuur) en niet meer over het zijn (natuur). Dit behoren als tegenstelling van het natuurlijke werd aan de mens, vaak met geweld, opgelegd door, stamvaders, priesters en later door koningen. Zij zagen zichzelf als toebedeeld door “God” met een morele geest. En de gelovigen moesten die mores leren.

Moraliteit is een verplichting van buiten af. Omdat Alcohol gelijkgesteld werd aan de “God” en later Geest, kunnen we deze in de literatuur op verschillende manieren tegenkomen waar het te maken kan hebben met geloof of bovennatuurlijke krachten. Maar in meeste  gevallen heeft spiritualiteit van doen met de persoonlijke innerlijke ervaring. Bij die innerlijke ervaring werkte voor de drinker de alcohol, en dat is wel iets anders dan de stationaire homeostase. Helaas had de alcoholist daar geen notie meer van.

 

 

 

hoe denkt het ministerie van volksgezondheid in Nederland en de politiek over alcohol?

 

Top
DeNatuurlijkeRoes  | denatuurlijkeroes@live.nl